Dit artikel werd oorspronkelijk geschreven op 22 april 2008 en gepubliceerd op blog.luxzenburg.org. Het wordt hier herpubliceerd als historisch document en weerspiegelt de ideeën van de auteur op dat moment.


Nederlanders denken graag over Nederland als een verlichte natie — een baken van beschaving in een zee van ouderwetse achterhaalde ideeën. We waren immers de eersten die homo’s een huwelijk gaven, die euthanasie toestonden. Dus wij zijn vooruitstrevend! Maar is dit werkelijk zo? Zijn we echt zo geëmancipeerd als we denken?

Recentelijk laaide in Nederland de discussie op of we in navolging van Noorwegen geen quota moeten instellen voor bedrijven en politiek om minimaal 40% vrouwen in de top te benoemen. De PvdA vond, in navolging van FNV-voorzitter Agnes Jongerius, dat het een goed idee zou zijn. De christelijke partijen CDA en CU waren tegen — officieel omdat het nut niet bewezen zou zijn, bij monde van CDA-minister van Sociale Zaken Donner.

De vraag is: is het nut niet bewezen? Na invoering is in Noorwegen het aandeel vrouwen in de top van het bedrijfsleven gestegen naar meer dan 35%. In Nederland is nog geen 10% van de top leidinggevend vrouw. Ook de algehele arbeidsparticipatie van vrouwen blijft achter bij Europese gemiddelden. Zelfs de mediterrane landen, die bekendstaan om hun machocultuur, lopen voor op ons.

Welk excuus ook wordt aangevoerd — het blijven excuses. We kunnen niet anders dan concluderen dat we homo’s gelijke rechten geven maar de vrouw nog steeds achterstellen. Vrouwen verdienen structureel minder dan mannen bij gelijkwaardige functies. Nederland telt minder vrouwelijke ministers dan andere Europese landen. Wij lezen islamitische landen de les over vrouwenemancipatie — maar wij hebben nog nooit een vrouw als staatshoofd gehad. Het islamitische Pakistan, Bangladesh en Indonesië hebben dat wel. Wie zijn wij dan hen de les te lezen?

En dan vandaag: dagblad Dag bericht over de nieuwe Spaanse ministerploeg. Van de 17 ministers zijn er 9 vrouw, waaronder Carme Chacón — de zeven maanden hoogzwangere minister van Defensie. Spanje heeft een sterke machocultuur. Tot 1974 hadden vrouwen er geen rechten; na de omwenteling van dictator Franco naar een democratie veranderde dat in rap tempo. Spanje werd pas in 1986 lid van de Europese Unie. Nederland weigerde tot 1984 de Europese regels voor gelijke behandeling van mannen en vrouwen door te voeren.

Het mag en moet een keer gezegd worden: we zijn een hypocriet land dat de rechten van vrouwen slechts onder internationale druk respecteert. We geven ze geen gelijke kansen en willen ze niet vooruithelpen. Kinderopvang is te duur, voeren we aan — Scandinavische landen hebben die daarom gratis gemaakt. Mannen ontvangen minder verlofdagen na zwangerschappen en kunnen geen gebruik maken van zorgverloven zoals vrouwen die hebben. Er is kortom onderscheid tussen man en vrouw, en de politiek is niet van zins of bij machte dat aan te passen.

Waar blijven de vrouwen om hier tegen te protesteren? Of hebben ze, net als Spanje, een man nodig die ze dezelfde rechten geeft?